Interview met N (15 jaar), Z (16 jaar) en G(14 jaar)

Aan N (15 jaar), Z (16 jaar) en G (14 jaar) stelden we vier vragen:

Zou je wat willen vertellen over het leven in een gezinslocatie?

In een gezinslocatie is het heel onzeker en elke dag maar afwachten wat er gaat gebeuren. Je weet niet zeker of je hier mag blijven of hoelang je hier nog zit. Je moet je ook elke dag melden. Vroeger werden zowat elke dag gezinnen opgehaald, nu gebeurt het wel iets minder. Er zijn ook vriendinnen van mij opgepakt en veel vrienden waarvan ik niet weet waar ze zijn. Het kan heel leuk zijn om verschillende mensen en culturen te leren kennen, maar ik kan ook heel verdrietig en vaak ook boos worden als ik zie op welke manier mensen worden meegenomen. (N)

In een gezinslocatie is het allesbehalve leuk. Veel mensen zien ons anders, ze denken vaak dat we criminelen zijn, dieven. Eigenlijk zijn wij gewoon mensen die naar vrijheid en een veilige plek zoeken. We wonen hier met veel verschillende mensen en iedereen is uitgeprocedeerd en voor iedereen dreigt het gevaar uitgezet te worden. Wij hebben minder rechten dan alle andere kinderen van mijn leeftijd. En zo worden we ook gezien; anders. (Z)

Het is niet leuk om in een gezinslocatie te wonen. Iedereen is heel gestresst en vaak wordt dit onbewust afgereageerd op personen die dicht bij jou zijn. Je ziet steeds de spanning tussen mensen. Er worden heel veel mensen teruggestuurd en vaak gaan mensen ook vluchten omdat ze bang zijn om gearresteerd te worden. (G)

 

Wat zijn de leuke dingen in een gezinslocatie?

Het is leuk om nieuwe mensen te leren kennen. Je maakt nieuwe vrienden en je bent steeds aan het bewegen. (N)

Het is wel heel gezellig. (Z)

 

Zijn er ook dingen die niet zo leuk zijn en wat vind je daar dan van?

Ik vind het niet leuk dat mensen worden meegenomen door de politie. Dat er zoveel vriendinnen verdwijnen. En überhaupt als je met iemand goed bevriend bent en opeens is diegene er niet meer, dan doet het echt pijn. (N)

De deportaties zijn niet leuk. Je voelt je onveilig, maar je hebt bijvoorbeeld ook geen privacy. (Z)

Ik vind het leuk als er soms activiteiten worden georganiseerd. Maar tegelijk is het ook verschrikkelijk om al die mensen te zien die mee worden genomen. Ik heb heel vaak meegemaakt dat mijn vriendinnen werden meegenomen. (G)

 

Wat vind je dat er anders moet?

Ik vind dat de politie niet zo onverwachts moet komen. Dat kinderen meer vrijheid krijgen en niet in angst moeten leven. Ik zie elke keer als er politie komt kleine kinderen schreeuwen en met elkaar praten “Kijk! Politie is er. Wie gaan ze vandaag ophalen?” (N)

Soms duurt een procedure lang en soms ook iets korter, maar ik vind dat ze ons op een plek moeten laten zitten. Laat ons gewoon op één plek blijven. Gezinnen worden heel vaak overgeplaatst van het ene naar het andere azc en dit heeft grote gevolgen voor de kinderen. Ze raken steeds hun vrienden kwijt, moeten naar andere scholen en worden vaak ook getraumatiseerd. (Z)

Ik vind dat de politie niet op deze manier zijn werk moeten doen. Dat ze dit ook zonder geweld kunnen doen en mensen tenminste de tijd geven om hun spullen te pakken. (G)

 

Dankjulliewel, N, Z en G!